NOOIT MEER OORLOG !!!/ NEVER WAR AGAIN !!! /KEIN KRIEG MEHR !!! / PLUS DE GUERRE !!

You CanTranslate this site HERE !!!

Translate Here


Tienen heeft een belangrijke geschiedenis als kazernestad en was nauw betrokken met de slag der Zilveren helmen

In oorlogsfilms heeft men het over moed en heldendom, maar geloof me ik heb mijn grootouders en mijn ouders vele verhalen horen vertellen over de oorlog en het was EEN GROOT GRUWELVERHAAL, zowel voor de soldaten die aan het front hadden meegevochten als voor de burgers.

Daarom, geef ik hier beneden een documentaire video weer over de slag der zilveren helmen, waar de soldaten die gekazerneerd waren in Tienen een belangrijke rol in meespeelden.

Daaronder geef ik een serie video’s weer van Marlène Dietrich, zowel in het Engels, Duits als het Frans, beleef de emoties die alles behalve heldhaftig zijn maar getuigen van pijn en verdriet en daaronder de schookende video van Willem Vermandere

Maar kijk daar onder nog eens dat de gruwelen van oorlog nog steeds bezig zijn. De mensen hebben hun lesje nog steeds niet geleerd.

“En vooral, vul na het bekijken van de video’s, de survey in om jouw mening te kennen te geven wat U verkiest, ‘OORLOG” of “VREDE”, geef een reactie onderaan dit bericht, deel met vrienden en kennissen via de deelknoppen onderaan dit bericht en als U zelf een WordPress-Blog heeft deel dan via de herblog-knop onderaan dit bericht. Al diegenen die gebukt gaan onder het oorlogsgeweld zullen U dankbaar zijn. Oorlog, geweld en dood kan ook Uw kinderen overkomen”

En als allerlaatste geef ik dan een beschrijving en de geschiedenis in het kort van de Tiense kazerne


Kazernesite

Het volledige complex dat wij nu kennen als de voormalige artilleriekazerne was vroeger het minderbroederklooster. Aan het klooster grensde het gebouw van de oude kruisbooggilde. Dit lokaal zou later uitgroeien tot wat wij nu kennen als CC De Kruisboog.

Het begon allemaal met het minderbroederklooster

De minderbroeders of franciscanen vestigden zich in de 13de eeuw in Tienen. Met toestemming van Johanna van Brabant breidden zij in 1364 hun gronden uit tot aan de Broekstraat. Later zou dit gedeelte eigendom worden van de Armentafel van Tienen (de voorloper van het huidige OCMW). Na de gewelddadige overmeestering van de stad op 9 juni 1635 werd het klooster hersteld en kwamen er nieuwe gebouwen bij. De meeste schade ondervonden de kloostergebouwen echter na de ontploffing van een Frans poedermagazijn op 10 maart 1793. Ook toen volgde er een gedeeltelijke wederopbouw. Tevergeefs echter, want op 15 fructidor van het jaar 4 (1 september 1796) werd het klooster door de Franse overheid afgeschaft en openbaar verkocht. De gebouwen werden eigendom van de Brusselse rentenier Nicolas Louis Meys, de tuin en aanhorigheden kwamen in handen van de Tienenaar G. Carpin. Op 19 floréal van het jaar 12 (9 mei 1804) verkocht Meys zijn eigendom aan het Tiense Weldadigheidsbureel. Andere instellingen namen er hun intrek. Van 1819 tot 1839 werd hier het gemeentecollege ondergebracht.

De oprichting van een artilleriekazerne

Kazerne vroegerOm de lasten die de herhaalde inkwartiering van troepen met zich meebrachten te verminderen, drong het Tiense stadsbestuur er in 1834 bij de nieuwe Belgische overheid op aan om in de stad een cavaleriekazerne op te richten. Aanvankelijk werd deze aanvraag door de Generale Staf van het Belgische leger negatief beantwoord. De onderhandelingen sprongen tijdelijk af om twee jaar later met succes hernomen te worden. Aanvankelijk kwamen twee locaties in aanmerking: het grauwzusterklooster achter de O.-L.-Vrouw-ten-Poelkerk en het voormalige minderbroederklooster. De keuze van het ministerie van oorlog viel op het laatste. In 1837 werd het pand opgemeten om een reeks verbouwingen te kunnen uitvoeren. Op 25 november 1838 gaf de minister van oorlog het bevel om de kazerne in bezit te nemen. De eer viel te beurt aan de 16de batterij van het 3de artillerieregiment. In de loop van de volgende eeuw zouden verschillende regimenten volgen.

Kazerne vroegerNa de Tweede Wereldoorlog verloor de ‘Minderbroederkazerne’ aan belang. Uiteindelijk werd door de legeroverheid besloten om Tienen te verlaten. Dit gebeurde bij het begin van de jaren zestig van de twintigste eeuw. Nadat de kazerne in 1962 volledig gedemilitariseerd werd, kregen de gebouwen andere bestemmingen. Het in woningnood verkerende Provinciaal Instituut voor Technisch Onderwijs vond hier een tijdelijk onderkomen, de vroegere manege werd omgebouwd tot sporthal en ook de stedelijke tekenacademie installeerde er haar klassen. In 1992 werden de gebouwen aan de straatzijde gesloopt waardoor de Minderbroederstraat definitief van uitzicht veranderde. Op deze plaats werd overgegaan tot de bouw van het appartementencomplex ‘Menegaard’. Andere gebouwen vielen in 2002 onder de sloophamer.

Het St.-Jorislokaal wordt CC De Kruisboog

In de 13de eeuw bevond zich op de plaats van de huidige stadsschouwburg het vergaderlokaal van de middeleeuwse kruis- en voetbooggilde die St.-Joris als patroon voerde. Net als het aangrenzende minderbroederklooster had het St.-Jorislokaal in 1793 zwaar te lijden onder de ontploffing van het Franse poedermagazijn. Het jaar daarop werden de gildenlokalen heropgebouwd om op 1 mei 1798 als nationaal goed verkocht te worden.

Kazerne vroegerOp 24 maart 1837 kocht de stad de 18de-eeuwse gebouwen met de bedoeling hier de stadsfeestzaal in onder te brengen. In 1851 werd onder leiding van de beroemde Brusselse architect Alphonse Balat een nieuwe theaterzaal gebouwd. Na de brand van 17 oktober 1900 nam architect Van Massenhoven de wederopbouw voor zijn rekening. De nieuwe feest- en theaterzaal werd op 15 juni 1902 officieel in gebruik genomen.

In 1975 kreeg het interieur van deze zaal haar huidige uitzicht. De gevelpartijen, die deels verborgen gaan achter bijgebouwen, getuigen nog van de oude toestand. De huidige inkomhal dateert van 1954. In hetzelfde jaar werden ook de foyer en het café de Beaux-Arts verbouwd. Het kleine gebouwtje bij de ingang van het café werd opgetrokken in 1859. Het is vermoedelijk een nabootsing van het oude gildenlokaal.

Het lokaal van de kruisbooggilde was gelegen in ‘een schoone hof’ met ‘koer’. In 1902 werd deze tuin omgevormd tot St.-Jorispark. In 1961 gooide men de vijver dicht, rooide men een aantal bomen en werd de kiosk afgebroken. Nog in datzelfde jaar werd op deze plaats een nieuwe feestzaal opgetrokken. Een ander deel van het park werd omgevormd tot parkeerruimte.

Slag der Zilveren Helmen

Slag der Zilveren Helmen
Onderdeel van de Eerste Wereldoorlog
Een van de zilveren helmen
Een van de zilveren helmen
Datum 12 augustus 1914
Locatie Halen, België
Resultaat Belgische overwinning
Strijdende partijen
Vlag van België België Vlag van Duitse Keizerrijk Duitse Keizerrijk
Leiders en commandanten
Vlag van België Leon De WitteVlag van België Adolf Proost Vlag van Duitse Keizerrijk Georg von der Marwitz
Verliezen
160 gedood 140 gedood, 600 gewond, 200 gevangengenomen

De Slag der Zilveren Helmen, geleverd op 12 augustus 1914, vond te Halen plaats. De Duitsers hadden bij het begin van de Eerste Wereldoorlog al enkele forten rond Luik veroverd en de Gete werd door de Belgische legerleiding gekozen als natuurlijke verdedigingslijn om de opmars van de Duitsers in noordelijke richting te verhinderen.

Inhoud

Voorbeschouwing

Op 11 augustus was de Belgische legerleiding ervan overtuigd dat de Duitsers, die in noordelijke richting optrokken vanuit Sint-Truiden, Borgloon en Hasselt, Diest zouden bedreigen. Generaal De Witte moest met een beperkte legermacht een linie die liep van Drieslinter tot Halen verdedigen (14 km). ’s Avonds, tijdens een vergadering in het café Oud Cortenaeken (dat nog altijd bestaat) in Kortenaken overtuigden jongere officieren De Witte ervan zich te voet te verdedigen omdat de Duitsers per Jagersbataljon over 6 machinegeweren (Maxims) beschikten. In de morgen van 12 augustus ontving het hoofdkwartier van het Belgisch leger in Leuven via telefoon en telegraaf berichten over het groot aantal Duitsers dat in de richting van Halen optrok om daar via de brug de Gete over te steken. Men stuurde de 4e Brigade als versterking naar De Witte.

Troepen

De Belgische en Duitse troepen die bij de slag betrokken waren bestonden uit de volgende eenheden:

Eerste schermutselingen

Cyclisten van de 3e compagnie openden bij de Getebrug om 8u10 het vuur op een twaalftal ruiters die van Herk-de-Stad richting Halen marcheerden. Van het twaalftal ruiters werden er vier gedood en twee raakten gewond. Ook werd één Duitser gevangengenomen. Het tweehonderdtal Belgen, die intussen over twee Hotchkiss-mitrailleurs beschikten, installeerden hun verdediging rond een (thans verdwenen) brouwerij maar werden, toen de Duitsers artillerie lieten aanrukken, samen met een groot deel van de Halense bevolking verdreven. Pioniers (genietroepen van de Cyclisten) dynamiteerden de brug, die maar gedeeltelijk instortte, waardoor een duizendtal Duitsers Halen kon bezetten. Deze gemakkelijke overwinning was er mee de oorzaak van dat de Duitsers later overmoedige cavalerieaanvallen zouden lanceren.

Opstelling van de Belgische troepen

De Belgische generaal Proost had van De Witte de opdracht gekregen zijn lansiers tussen het bos van Loksbergen en de oostzijde van het dorp op te stellen. Hij was voorzichtig genoeg om eerst het terrein te verkennen en merkte dat het terrein voor hem, richting Halen, zeer onoverzichtelijk was en de Duitsers ongemerkt konden naderen. Hij verkoos zijn lansiers op te stellen bij een boerderij, de IJzerwinning, die het centraal punt van de verdediging werd en waarlangs een weg liep van noord naar zuid. De 2e Gidsen posteerden zich ten noorden van de Rohtemmolen; de 1e Gidsen meer naar het westen, aan de zoom van de nu verdwenen Loksbergse bossen. Vier kanonnen van de bereden artillerie, vlak achter de top van de Mettenberg, bestreken het terrein tot Halen. Ook op de Bokkenberg was er Belgische artillerie aanwezig. Cyclisten betrokken posities in Zelk.

Een doodskophuzaar zoals te zien in het museum

Een Gids van het 1e Regiment

Slag bij Halen

Belgische lansiers

Het museum

De aanval

De Duitse cavalerie, overtuigd van haar superioriteit en met een verlangen om nog eens storm te lopen, koos voor een regelrechte cavalerieaanval in de oude stijl, in galop en met getrokken sabel. Toen het 17e en 18e regiment Dragonders Halen binnenreed ontstond er een concentratie van Duitse troepen die plots door de Belgische artillerie onder vuur werd genomen. De eerste Duitse stormlopen wilden met hen afrekenen.

Ondertussen waren de Cyclisten, die de brug over de Gete in Halen prijsgegeven hadden, ontplooid op een plateau ten noorden van de IJzerbeek, tussen het vuur van de Duitsers in Halen en de Belgische Lansierskarabijnen rond de IJzerwinning. Ze kregen de tijd niet om zich in te graven en werden aangepakt door infiltrerende Duitse Jagers. Van de Cyclisten sneuvelden er 30 en meer dan 100 raakten gewond.

Tussen 13:00 en 14:00 zette een eskadron van het 17e Dragonders zich vanuit Halen in beweging richting Zelk. Daar werden ze afgeslacht door de Belgen; tien paarden zonder ruiter bereikten de barricade; Rittmeister von Bodecker, de eskadroncommandant, werd gevangengenomen.

Nabeschouwing

De slag, alhoewel beperkt in omvang, wordt door historici beschouwd als de laatste grote cavaleriecharge met de blanke sabel in West-Europa. Het was een tijdelijk succes voor het Belgisch leger; het moest zich nadien snel terugtrekken op de vesting Antwerpen. Heinz Guderian, een Duits generaal, wijdde er in zijn boek Achtung: Panzer! uit 1937 een heel hoofdstuk aan om aan te tonen dat zelfs de dapperste cavalerieaanval tot mislukken gedoemd is als de vijand zich maar hardnekkig verzet met moderne vuurwapens.

Tijdens de slag sneuvelden 160 Belgen; de Duitse en Belgische cavalerietroepen verloren meer dan 400 paarden. Aan de andere kant sneuvelden 140 Duitsers, 600 raakten gewond en meer dan 200 werden gevangengenomen. De Belgische gesneuvelde soldaten liggen begraven op de Belgische militaire begraafplaats van Halen.

De slag was ook de eerste actie waar de Rode Kruisafdeling van Diest, opgericht in 1914 en een van de oudste afdelingen van België, actief was. Meer dan 500 gewonden werden vanop het slagveld afgevoerd naar Diest waar zowel Belgen als Duitsers in aparte zalen de nodige zorgen kregen volgens de Rode Kruisprincipes.

In de Engelstalige literatuur is deze slag bekend als de Slag bij Halen. De benaming “Slag der Zilveren Helmen” gaat terug op het gelijknamige gedicht van August Cuppens, in 1914 pastoor van Loksbergen. Deze naam, die ontleend is aan de hoofdbescherming van de Duitse kurassiers die na de slag her en der opgeraapt kon worden, verwijst natuurlijk naar een vroeger conflict waarbij men zich dapper teweerstelde tegen een buitenlandse invaller, de Guldensporenslag.

Museum

In het Halense gehucht Rotem is er een museum, ter herinnering aan de slag (privé-initiatief). Het wordt in stand gehouden door kinderen van Jozef Stroobants, de bewoner van de IJzerwinning, die het museum (ongeveer 350 m²) stichtte.

Externe links

Bronnen, noten en/of referenties

  • R. DONVIL, De Grote Oorlog op kleine schaal: de gevechten aan de Getelinie in Oost-Brabant 1914, Davidsfonds Uitgeverij, Leuven, 2012.
  • H.J. VANTHUYNE, De dag dat cavalerie voor het laatst storm reed.
Vriendelijke Groet
Theo Herbots

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Advertisements

One Reply to “NOOIT MEER OORLOG !!!/ NEVER WAR AGAIN !!! /KEIN KRIEG MEHR !!! / PLUS DE GUERRE !!”

Wij zouden het ten zeerste waarderen, indien U hier beneden een reactie zou willen plaatsen

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s